Op pad

‘Maak u gereed om de ferry-terminal in te rijden’.  Al ruim een half uur begrepen we maar niet waarom de routeplanner ons niet via het pontje van Wijhe naar ons eindbestemming leidde. Zelfs toen we het pontje naderden probeerde de plannen nóg ons om te leiden via de snelweg. En nu vielen ineens alle kwartjes.

Onze navigatie had het lieflijke pontje tussen Heerde en Wijhe aangezien voor een heuse ferry met bijbehorende inchecktijden. Toen we een paar minuten later aan de overkant aankwamen was onze reistijd met 1,5 uur afgenomen!

Gelukkig waren we eigenwijs geweest. En konden we dat ook zin met mijn moeder in de auto die al sinds mijn geboorte in de omgeving wonend toch echt wel weet wat de handigste route is.

Een voorbeeld van kritisch wiskundig denken. In dit geval stap 3 van de 4 stappen die ik in een eerdere blogpost introduceerde. De formule voor het berekenen van de snelste route bevatte een fout: een té grote inchecktijd voor ons pontje.

En zo vallen er nog wel wat meer kritische vragen te stellen bij het uitrekenen van de beste route.

Onze navigatie had het lieflijke pontje tussen Heerde en Wijhe aangezien voor een heuse ferry met bijbehorende inchecktijden.

‘De beste route?’ – een vraag die we aan onze routeplanner stellen, en die de routeplanner met wiskunde probeert te beantwoorden.

  1. het stellen van de juiste vraag
    Voor een routeplanner is de vraag nog niet precies genoeg gesteld. Hier valt nog niets aan te rekenen. Je kunt dan ook vaak kiezen voor allerlei opties, die de vraag voor de software concreter maken:
    * hoe reis je? – te voet, met de fiets, met de auto of met het openbaar vervoer
    * wat zijn je wensen? – kortste route, snelste route, route zonder snelwegen
  2. vertaling naar een wiskundige formulering
    De opties uit stap 1, maken het mogelijk een manier van rekenen te kiezen. Bij de kortste route worden de totale afstanden van mogelijke routes vergeleken. Bij de snelste route wordt gerekend met ‘afstand x snelheid’. Reis je te voet dan wordt een andere snelheid gebruikt dan in een auto. Enzovoort.
  3. het rekenwerk
    Met de juiste parameters (bv loopsnelheid 5 km/u, maximum snelheid per deel van de route) kan de software aan de slag. Zo worden allerlei mogelijke routes vergeleken en de beste bepaald.
  4. interpreteren van de uitkomst
    De routeplanner toont de beste route gegeven de gekozen instellingen, en soms nog een aantal alternatieven. Soms schelen die maar weinig met de optimale route en besluit je toch een van de alternatieven te nemen om een andere reden.

Wat valt daar nu nog op af te dingen? Nou . . .

  1. Zit jouw optie er eigenlijk wel tussen? Bijvoorbeeld een makkelijke route voor een beginnende bestuurder, die lastige verkeerspunten vermijdt. Of een route waarbij je zo min mogelijk hoeft af te slaan, omdat dat zoveel rustiger rijdt dan constant opletten welke straat je in moet slaan.
  2. Het is handig om enig inzicht te hebben in de vertaling naar de wiskundige formule. Ga je met je caravan op pad dan klopt de formule van een auto niet op de snelweg. Is het in de auto soms prima om een klein stukje via de snelweg om te rijden, omdat dat nu eenmaal sneller is dan een langer stuk op een 80 km weg, geldt dat niet als je een caravan bij je hebt. Kun je dan beter de kortste route nemen? Ook niet altijd, want in de kortste route kunnen zomaar smalle straatjes opduiken waar je met je caravan niet graag doorheen rijdt.
  3. Dat zit meestal wel goed. Behalve bij de ferry-terminal dan . . .
  4. Heerlijk die moderne techniek, maar dus toch wel handig om nog even naar het plaatje te kijken of je je echt kunt vinden in de gekozen route. Of er niet ineens een korte route over het hoofd lijkt gezien. Bij bijna gelijke routes kun je ook andere zaken mee laten gaan tellen, zoals een mooi uitzicht, daar heb je 3 minuten extra misschien wel voor over.

Contact

Heb je vragen? Stuur dan een mail naar info@bruin-muurling.nl.